Norm: WCAG 2.2 niveau AA (55 succescriteria) · Methode: WCAG-EM, aanbevolen door DigiToegankelijk
13 van de 55 succescriteria niet behaald. De richtlijn met het laagste percentage is gemarkeerd.
Deze thema's verklaren samen het grootste deel van de bevindingen. Ze komen vaak terug en raken iedereen die afhankelijk is van assistieve technologie.
Tekst en interactieve elementen halen de minimale contrastverhouding niet. Onleesbaar voor slechtzienden of in fel licht.
Video's zonder ondertiteling, geen tekstalternatief voor visuele info — bezoekers die niet kunnen horen of niet kunnen zien missen het verhaal.
Teksten zien er visueel uit als kop maar staan in de code als vetgedrukte alinea. Schermlezer-gebruikers kunnen niet per kop navigeren.
Alt-tekst die de naastliggende linktekst herhaalt of geen toegevoegde waarde heeft. Schermlezer-gebruikers horen dezelfde info dubbel.
PDF's missen tags, taalinstelling of een beschrijvende titel — schermlezers kunnen de structuur niet voorlezen en de inhoud is onbereikbaar voor blinde en slechtziende bezoekers.
Kleurcontrast bepaalt of je tekst en knoppen kunt zien. Niet iedereen heeft perfecte ogen — denk aan collega's boven de vijftig met mild contrastverlies, of iedereen die de site op een telefoon in fel zonlicht bekijkt. Met genoeg contrast (4,5:1 voor tekst, 3:1 voor randen en pictogrammen) blijven knoppen en links zichtbaar, ook voor wie het scherm onder een ongunstige hoek of bij minder licht leest.
Op deze pagina opent de "Export"-knop een keuze met daarin een knop met de tekst "PDF". Deze knop heeft onvoldoende kleurcontrast: de witte tekst op een grijze (#A2A2A2) achtergrond heeft een contrastverhouding van 2,6:1, onder de minimum-eis van 4,5:1 voor standaardtekst.
Hetzelfde probleem komt voor op de pagina's:
Video's en audio dragen vaak het belangrijkste deel van een verhaal — een interview, een toelichting van een wethouder, een toespraak in een raadsvergadering. Wie doof of slechthorend is, kan dat geluid niet horen; wie blind is of meeluistert zonder beeld, mist de visuele context (de naam van de spreker, de tekst op het scherm, het logo). Een toegankelijke video heeft daarom altijd ondertiteling én een tekstalternatief voor wat niet wordt uitgesproken — zodat iedereen mee kan lezen, mee kan luisteren, of beide.
Voorbeeld: op de pagina van een vergadering van Provinciale Staten staat een video met gesproken tekst, maar de ondertiteling ontbreekt. Op een andere vergadering wordt op verschillende momenten in beeld tekst getoond (namen van sprekers, fractielogo's, ondertitels) waarvoor geen audiobeschrijving of media-alternatief beschikbaar is. Bezoekers die niet kunnen horen missen de dialoog; bezoekers die niet kunnen zien missen de visuele context.
Voorbeeld in het volledige rapport
Schermlezer-gebruikers scannen een pagina meestal door van kop naar kop te springen — één toetsaanslag en ze hebben binnen vijf seconden door wat er op de pagina staat. Dat werkt alleen als jouw koppen ook in de code als kop staan, met een H2- of H3-tag, niet als vetgedrukte tekst. Een tekst die er als kop uitziet maar in de code een gewone alinea is, valt voor deze bezoekers buiten beeld. In de meeste tekstbewerkers en CMS'en kies je daarvoor uit een dropdown "Heading 2" of "Kop 3", niet de B-knop voor vet.
Voorbeeld: op de pagina van een vergadering van Provinciale Staten zien teksten als "Inspreekrecht" en "Toelichting" eruit als kop, maar in de code zijn ze gemarkeerd met <strong> — vetgedrukt zonder kop-betekenis. Voor de schermlezer-gebruiker bestaan deze koppen niet, en valt de hele structuur van de pagina weg.
strong of em, die alleen "benadrukt" betekenen — want strong en em zijn onzichtbaar voor mijn kop-shortcut, de sectie die ze inleiden komt nooit terug in mijn mentale overzicht van de pagina, en ik moet de hele pagina van boven tot onder lezen om te vinden wat een ziende bezoeker in één oogopslag ziet.Een alt-tekst is geen vertaling van het beeld, maar de tekstvariant van wat het beeld doet op de pagina. Bij een foto van een persoon is de naam van die persoon de kern, niet "foto" of "pasfoto". En als die foto in een link zit met daarnaast al een tekstlabel met dezelfde naam, hoort dezelfde info niet twee keer in de toegankelijke linknaam terug te komen. Schrijf alt-tekst die toevoegt wat anders verloren gaat, en zorg dat alt-tekst en omringende linktekst elkaar aanvullen — niet overlappen.
Voorbeeld: op de "Wie is wie"-pagina staan links met een foto. De toegankelijke naam van zo'n link bestaat uit de alt-tekst van de foto plus de tekst eronder — bijvoorbeeld "Pasfoto van S. Özkaya S. Özkaya (fractievoorzitter)". De schermlezer leest de naam dus dubbel, omdat alt-tekst en linklabel dezelfde woorden bevatten.
PDF's zijn een eigen werkelijkheid binnen je site — ze hebben hun eigen structuur, hun eigen titel, hun eigen taalinstelling. Een PDF die op het scherm prima leest, kan voor een schermlezer een ondoordringbare wand zijn als de tags ontbreken, de taal verkeerd staat of de titel een tijdelijke aanduiding is. Voor een overheidsorganisatie die formele documenten publiceert is dit kritiek: vaak zijn juist die documenten het belangrijkste wat een bezoeker komt halen. Zet de bron-Word eerst goed neer (kopstijlen, taal, lijsten) en sla op als getagde PDF — daarmee is 80% van het werk klaar.
Voor dit PDF-document is geen titel ingesteld in de bestandseigenschappen.
Op dit moment voldoet Content-audit digitale toegankelijkheid van website pzh.notubiz.nl niet aan WCAG 2.2 AA. De goede kans: de meeste problemen zijn structureel — ze komen vele malen voor maar hebben dezelfde oplossing. Eén oplossing rolt door de hele site heen.
De 5 hoofdthema's verklaren het grootste deel van de bevindingen. Eén goede pass langs gedeelde componenten lost veel tegelijk op.
Bij het rapport zit een Plan van Aanpak met concrete oplossingen, gegroepeerd naar wie wat moet doen — designer, ontwikkelaar, redactie.
Na het oplossen kunnen we hertesten zodat een actuele toegankelijkheidsverklaring gepubliceerd kan worden — vereist onder de EAA sinds juni 2025.