Typ iets om te zoeken...
WCAG 2.2, het BDTO en de EAA

Digitale toegankelijkheid

Je website is digitaal toegankelijk als iemand hem ook kan gebruiken met hulpsoftware, bijvoorbeeld een schermlezer, met alleen het toetsenbord of sterk ingezoomd. Hieronder staat wat daarvoor nodig is, welke wet voor jou geldt en hoe je erachter komt waar je nu staat.

Wat het is: om welke beperkingen het gaat en waar het misgaat
Wat de wet vraagt: het BDTO voor de overheid, de EAA voor bedrijven
Wat je nu kunt doen: zelf testen, gratis tools, of onderzoek laten doen

Onderzoek geleverd voor onder meer

Gemeenten en provincies Musea en culturele instellingen Webshops en retail Media Uitvoeringsorganisaties Onderwijs

De basis

Wat digitale toegankelijkheid is

Digitale toegankelijkheid betekent dat je website, app of document te gebruiken is door mensen die hem anders bedienen dan met een muis en een gemiddeld scherm. Met een schermlezer die de pagina voorleest, met alleen het toetsenbord, met spraakbediening, sterk ingezoomd, of met de kleuren en lettergroottes van het besturingssysteem aangepast.

Formulieren zijn technisch het lastigste onderdeel van een website, en het onderdeel waar we bij onderzoek de meeste problemen vinden. Juist daar zit het inschrijfformulier, de inlog en het afrekenproces.

Om deze zes groepen gaat het, met wat ze van een website vragen.

Visueel
Blind, slechtziend of kleurenblind. Iemand luistert naar de pagina met een schermlezer, zoomt in tot 400%, of heeft tekst nodig die genoeg afsteekt tegen de achtergrond.
Auditief
Doof of slechthorend. Een video zonder ondertiteling en een podcast zonder transcript leveren geen enkele informatie op.
Motorisch
Een beperkte handfunctie, trillingen of verlamming. De bediening loopt via het toetsenbord, spraak of een aangepaste muis, en knoppen moeten groot genoeg zijn om te raken.
Cognitief en leren
Dyslexie, autisme, ADHD, een verstandelijke beperking of geheugenproblemen. Heldere taal, een voorspelbare opbouw en genoeg tijd bepalen of iemand de taak afmaakt.
Spraak
Wie niet of moeilijk kan praten, komt er niet als de enige route naar de klantenservice een telefoonnummer is.
Tijdelijk en situationeel
Een arm in het gips, een oogontsteking, fel zonlicht op een station of een rijdende trein. Dezelfde eisen helpen ook daar.

De cijfers

Om hoeveel mensen gaat het?

Eurostat vraagt het elk jaar aan de inwoners van de Europese Unie zelf. Over 2024 gaf 23,9% van de mensen van 16 jaar en ouder aan beperkt te zijn in dagelijkse activiteiten door een gezondheidsprobleem. Bijna een kwart dus.

Leeftijd is daarin de sterkste factor: van de 16- tot 24-jarigen is het 7,1%, van de mensen van 85 jaar en ouder 72,3%. Wie een publiek bedient dat ouder wordt, krijgt dus met meer hulpsoftware en meer vergrote tekst te maken dan vijf jaar geleden.

En het gaat om meer dan permanente beperkingen. Wie een arm in het gips heeft, bedient zijn telefoon een paar weken met één hand. Wie in de zon op een station staat, ziet hetzelfde grijs op wit als iemand met beginnende staar. De eisen die daaruit volgen zijn dezelfde.

LeeftijdHeeft een beperking
16 tot 24 jaar7,1%
16 jaar en ouder23,9%
85 jaar en ouder72,3%

Bron: Eurostat, cijfers over 2024 voor de hele Europese Unie. Het gaat om wat mensen zelf opgeven.

Waaraan je het afmeet: WCAG

De standaard heet WCAG, de Web Content Accessibility Guidelines van het W3C. De actuele versie is 2.2, uit 2023, en telt 55 succescriteria op de niveaus A en AA. Dat zijn de niveaus waar de wetgeving naar verwijst. Alle criteria staan onder vier principes.

1. Waarneembaar

Kan iemand de informatie binnenkrijgen, ook zonder te zien of te horen? Een alt-tekst die beschrijft wat er op de foto staat, ondertiteling bij video, en tekst die genoeg afsteekt tegen de achtergrond.

2. Bedienbaar

Kan iemand alles bedienen, ook zonder muis? Je komt met de Tab-toets bij elk menu, elk veld en elke knop, je ziet steeds waar je bent, en je kunt elk onderdeel ook weer verlaten.

3. Begrijpelijk

Is duidelijk wat er gebeurt en wat er wordt gevraagd? Een foutmelding zegt wat er mis is en hoe je het herstelt, het label bij een veld blijft leesbaar terwijl je typt, en de navigatie werkt op elke pagina hetzelfde.

4. Robuust

Werkt het samen met hulpsoftware, ook met de versie van volgend jaar? Dat vraagt om code die de standaard volgt, zodat een schermlezer een knop ook als knop aankondigt en een uitklapmenu als open of dicht.

Wil je het verschil tussen WCAG 2.1 en 2.2 uitgewerkt zien, met de negen criteria die in 2.2 zijn bijgekomen en waarom ze er zijn, lees dan hoe je een website digitaal toegankelijk maakt.

Wat de wet van je vraagt

Nederland kent twee regimes. Welke van de twee voor jou geldt hangt af van wat je organisatie is, niet van wat je aanbiedt. Voor je eigen website of app geldt het ene of het andere, nooit allebei.

Ben je overheid? Het BDTO

Het Besluit digitale toegankelijkheid overheid geldt sinds 2018, voor overheidsinstanties en publiekrechtelijke instellingen. Elk digitaal kanaal heeft een eigen toegankelijkheidsverklaring nodig in het Register: de hoofdwebsite, subsites, formulieren, portalen achter een inlog en apps staan er los van elkaar in.

Onder die verklaring hoort onderzoek volgens WCAG-EM, de evaluatiemethode van het W3C. Een rapport telt 36 maanden mee; daarna zakt je status.

Lees over de toegankelijkheidsverklaring →

Ben je een bedrijf? De EAA

De European Accessibility Act wordt sinds 28 juni 2025 toegepast, voor bedrijven die digitale producten of diensten aan consumenten leveren: webshops, ticketing, bankieren, reizen boeken, e-books en telecom.

Wat de wet verplicht is een toegankelijke website of app, plus informatie over de toegankelijkheid op een aparte pagina van je site. Een onderzoek is geen wettelijke eis; het is de manier om te weten waar je staat. Micro-ondernemingen zijn vrijgesteld voor hun diensten.

Lees over de European Accessibility Act →

Onder allebei ligt EN 301 549, de Europese norm voor toegankelijkheid van ICT. Die verwijst op dit moment naar WCAG 2.1 niveau A en AA, en dat is dus de juridische ondergrens. Wij toetsen aan WCAG 2.2, als extra service boven de geldende norm. De norm gaat trouwens over meer dan je website: ook je klantenondersteuning valt eronder.

Zelf beginnen

Hoe je erachter komt waar je staat

Je hebt geen technische kennis nodig voor een eerste indruk. Deze vier stappen kun je vandaag zetten, in deze volgorde.

  1. Stap 01

    Leg je muis weg

    Bedien je eigen homepage met alleen de Tab-toets. Kom je bij het menu, bij het zoekveld en bij de knop waarmee iemand iets bestelt of aanvraagt? Zie je steeds waar je bent? De meeste mensen weten dit binnen tien minuten.
  2. Stap 02

    Zoom in tot 400%

    Zet de zoom van je browser op 400%, met Ctrl en + of met Cmd en + op een Mac. Valt er tekst weg, schuiven knoppen over elkaar, of moet je heen en weer schuiven om één zin uit te lezen? Dan loopt een deel van je bezoekers daar elke dag tegenaan.
  3. Stap 03

    Laat een gratis tool meekijken

    Met de WCAG Radar van Proper Access loop je 45 checks langs, waarvan er 28 gratis zijn en zonder account werken. Voor pdf’s is er de pdf-checker. Een tool herkent ongeveer 30% van de succescriteria, dus je ziet hiermee de grofste dingen.
  4. Stap 04

    Laat de rest met de hand testen

    Of een foutmelding echt wordt voorgelezen, of je met alleen het toetsenbord door een bestelproces komt en er ook weer uit, en of een alt-tekst klopt met de foto: daar is een mens voor nodig, met een schermlezer erbij. Moet je het ook kunnen aantonen richting het Register of een toezichthouder, dan hoort daar een toegankelijkheidsonderzoek bij.

Indicatie

Wat een onderzoek kost

De prijs volgt de omvang en de complexiteit van je site, want het werk is handwerk. Een mini-audit levert binnen een paar dagen een eerste beeld op. Een volledig onderzoek begint bij ongeveer € 2.250 voor een eenvoudige site, en de meeste websites vallen in de categorie gemiddeld. Alle bedragen zijn exclusief btw.

Wat de prijs bepaalt is het aantal unieke paginatypes en de hoeveelheid interactie, niet het aantal pagina’s. Een webshop met vijfduizend productpagina’s kan goedkoper uitvallen dan een gemeentesite met veertig formulieren.

De hele lijst, plus zes vragen die je aan elk bureau kunt stellen voordat je een offerte tekent, staat in wat kost een toegankelijkheidsaudit.

Vraag je onderzoek aan

OnderzoekIndicatieprijs
Mini-audit, tot 5 uur€ 495
Eenvoudige websitecirca € 2.250
Gemiddelde websitecirca € 3.150
Gemiddeld-complexe websitecirca € 4.200
Complexe websitecirca € 5.100

Weten waar jouw website staat?

We doen dit sinds 2019 en we bouwen of beheren zelf geen websites, dus we keuren nooit ons eigen werk. Elk rapport wordt door drie mensen bekeken voordat het de deur uit gaat.

Vraag een offerte aan en je krijgt binnen twee werkdagen een prijs die klopt met het werk. Liever eerst overleggen? Bel of mail, we reageren binnen een werkdag.

Wil je even sparren?

Stuur ons de URL van je organisatie. We mailen je onze visie op wat er moet gebeuren.

Veelgestelde vragen

Wat is digitale toegankelijkheid in één zin?

Je website, app of document is digitaal toegankelijk als iemand hem ook kan gebruiken zonder muis, zonder scherm of met sterk vergrote tekst. De internationale standaard die dat uitwerkt heet WCAG. Versie 2.2 telt 55 succescriteria op de niveaus A en AA samen.

Is mijn website verplicht toegankelijk?

Dat hangt af van wat je organisatie is. Overheidsinstanties en publiekrechtelijke instellingen vallen onder het Besluit digitale toegankelijkheid overheid, dat sinds 2018 geldt. Commerciële bedrijven die digitale diensten aan consumenten leveren vallen onder de European Accessibility Act, die sinds 28 juni 2025 wordt toegepast. Voor je eigen website of app geldt het ene of het andere, nooit allebei.

Wat is het verschil tussen WCAG en de wet?

WCAG is de standaard, de wet verwijst ernaar. Onder beide Nederlandse regimes ligt EN 301 549, de Europese norm voor toegankelijkheid van ICT. Die norm verwijst op dit moment naar WCAG 2.1 niveau A en AA. Wij toetsen aan WCAG 2.2, als extra service boven de geldende norm.

Kan ik zelf testen of mijn website toegankelijk is?

Voor een deel wel. Met je toetsenbord, met zoom tot 400% en met een gratis tool kom je een eind. Wat je daarmee niet ziet is of een foutmelding wordt voorgelezen, of je met alleen het toetsenbord door een bestelproces komt, en of een alt-tekst klopt met wat er op de afbeelding staat.

Hoe lang duurt een onderzoek?

Een volledig onderzoek duurt drie tot vijf weken, gerekend vanaf het moment dat de omgeving voor ons open staat. Een mini-audit levert binnen een paar dagen een eerste beeld op.

Levert het nog iets op behalve naleving?

Ja, en dat is geen bijzaak. Een koppenstructuur die klopt helpt zowel een schermlezergebruiker als Google. Beschrijvende alt-teksten zetten je afbeeldingen in de beeldresultaten. Een bestelproces dat met alleen het toetsenbord werkt, werkt ook op een telefoon met een haperend touchscreen. En 400% zoom is dezelfde eis als goed leesbaar zijn voor iemand van zeventig.